Maandelijks archief: juni 2015

Opa

Ik voelde dat iemand tegen mijn schouder stootte en versuft opende ik mijn ogen. Mijn rug deed zeer van het liggen. Stijfjes kwam ik overeind. Opa hield een glanzend rode sterappel voor mijn neus. ’Goed voor de vitamientjes.’ Uit zijn broekzak haalde hij een Nuts tevoorschijn, scheurde er demonstratief het papier af en hield hem voor zijn mond, klaar om een hap te nemen. ‘Of had jij deze liever gewild?’, vroeg hij nonchalant. ‘Ja!’, riep ik enthousiast, en ik greep de reep uit zijn hand. ‘Dan is deze voor straks’, zei hij, de vrucht naast zich neer leggend. Ik nam een grote hap en met volle mond zei ik, ‘mag ik eens roeien opa?’ Hij antwoordde: ‘Natuurlijk, je bent al acht. Dat kun je best.’ Even later haalde ik de houten roeispanen door het water, eerst nog wat onwennig met veel gespetter. Na wat aanwijzingen ging het al een stuk beter en maakte ik mooie gelijkmatige slagen. Ik hoefde er niet meer over na te denken en de peddels en ik waren een. Als verlengde houten armen kliefden ze gedachteloos door het water. Ik dommelde weer weg en gaf me over aan mijn dromen.
Jij leert me fietsen. ‘Kijk opa, met zonder handen.’ Trots.
Een wolk van poedersuiker over de poffertjes in de Efteling.
‘Ik doe het nog een keer voor, goed opletten.’ Je plakt mijn band. De bonken in mijn knikkerzak schreeuwen. Ik heb afgesproken met Kees, kwart voor drie achter het fietsenschuurtje.
Het bibberspelletje wat we speelden van toen je nog geen Parkinson had.
De verhaaltjeskoets staat klaar voor vertrek, jij op de bok. De draken, trollen, gnomen rukken aan de teugels. Een fee struikelt en haar stafje valt in de modder. Een ademloze spons zit op je schoot.
Hoog op je schouders. Gebiologeerd bestudeer ik je kruin. Je krijgt al kaal haar.
Traditie. Voordat we naar huis gaan, eentje uit het rood-witte blikje, vol met Engelse drop.
Wat weet jij veel.
Minstens een week logeren. Laat opblijven. Alles mag.
De pleister die je plakt op mijn geschaafde knie. Kusje erop, over.
Dansen met oma in de huiskamer, zomaar omdat het kon.
Caravakantie! Je eigen huis op wielen mee. Ik haal koffie voor je aan “het loket”. Oma deelt uit, gebogen over de halve deur van jullie paleis.
Twee stevige armen omhelzen me van achteren. ‘Wat ruik je lekker’, hoor ik je zeggen. Ik ben gelukkig.
Klimmen wie het hoogste kan in de boomgaard. Ik win natuurlijk.
Griesmeelpudding, havermout, rijstepap, spruitjes. Jij durft alles!
Gregoriaanse liederen. Muziek tussen hemel en aarde, die iets onuitsprekelijks bevat. Je droomt weg.
Ik voel dat iemand tegen mijn schouder stoot en versuft open ik mijn ogen. Mijn billen doen zeer van het zitten. ‘Je moet gaan staan’, zegt mijn moeder, ‘het is afgelopen.’ Verdwaasd kijk ik om me heen en sta ik op uit de houten kerkbank. Ik zie hoe de kist langzaam door het gangpad de kerk uit wordt gereden. Er bovenop liggen de bloemstukken, kransen en linten maar ook een grote foto van opa met in zijn hand mijn sterappeltje.
‘Goede vaart, opa’, zeg ik zacht en ik til mijn hand op als laatste groet. Mijn andere hand zit diep in mijn broekzak en omklemt een halfgesmolten Nuts.

Opa

Prijswinnend verhaal 23 juni 2015 gepubliceerd op familieberichten.nl: http://familieberichten.nl/nl/post/32/opa